Naast heel veel andere insecten leven er in Nederland ongeveer 350 bijensoorten. De honingbij, die in volken leeft, is daarvan de meest bekende. Bijen zijn voor het voortbestaan afhankelijk van stuifmeel en nectar. Stuifmeel en nectar worden geleverd door bloemen in de natuur en in het openbaar groen en tuinen. Daarmee hebben we het instrument in handen om de bijenstand in Nederland te helpen. Aanplant van voedselgewassen voor bijen, vlinders, hommels en andere insecten is noodzakelijk voor hun voortbestaan. Deze gewassen geven bovendien kleur aan onze leefomgeving.

De zogenaamde bijensterfte staat de laatste jaren volop in de belangstelling. 0ver het algemeen zijn bijenhouders en wetenschappers het erover eens dat gebrek aan gevarieerd en voldoende voedsel voor de bijen één van de belangrijke oorzaken van de sterfte is. Bijen en veel andere insecten hebben een groot deel van het jaar behoefte aan een gevarieerd aanbod van stuitmeel om te kunnen leven, vitaal te blijven en zich te kunnen voortplanten. Biodiversiteit is in dit verband een sleutelwoord.
Bijen brengen stuifmeel over van bloem tot bloem en gebruiken het als voedsel. Door dit bestuivingswerk ontstaan er vruchten en zaden. Die zijn op hun beurt weer voedselbron voor vogels, zoogdieren en de mens. Veel soorten bloembestuivende insecten zijn verdwenen of hun populatie is ernstig afgenomen. Dat komt doordat hun natuurlijke omgeving is aangetast.

Bloembollen
Gelukkig ontstaat steeds meer het besef dat bloeiende bermen langs [snel]wegen, bloeiende stroken en percelen in landerijen en in openbaar groen niet alleen mooi zijn om naar te kijken, maar ook een onmisbare bron van voedsel vormen voor veel insecten. Hoe meer en gevarieerder, hoe beter. Het is ook van belang dat gedurende de gehele periode dat insecten actief zijn [februari tot november] er aanbod is.
Het is daarom een goede ontwikkeling dat steeds meer gemeenten overstappen op ecologisch beheer van het openbaar groen en met de aanplant van gewassen rekening houden met bijen en andere insecten. We kunnen constateren dat het openbaar groen kleurrijker wordt. Het planten van grote hoeveelheden bloembollen, zoals krokussen, tulpen, blauwe druifjes en anemonen en wat minder bekende soorten zal de omgeving in allerlei opzichten verbeteren.

Beplantingsplan
Afgelopen najaar heeft de gemeente Bussum, met advies van Nederlandse Bijenhoudersvereniging, samen met de firma Uittenbogaard zo'n 175.000 bollen geplant over een lengte van een kilometer. Daarbij is gekozen voor verwilderingsoorten die relatief veel nectar en stuifmeel produceren. De bollenmix zorgt voor een gespreide bloei van februari tot half juni en bevat onder andere:
Blauwe druife (Muscari armeniacum), anemoon (Anemone blanda), crocus (Crocus Ruby Giant), de Bulgaarse sierui (Nectaroscordum) en de sneeuwroem (Chionodoxa). Met dit mengsel wordt een bloeiperiode van februari tot en met juni gerealiseerd.
Het is een goede investering omdat het aantal bollen zich in de loop der jaren aanzienlijk zal uitbreiden. Het beheer van deze oppervlakte betekent dat ongeveer vier weken na de bloei van de laatste bloemen het loof wordt afgemaaid. Pas laat maaien is van belang omdat het groene loof nodig is om de bollen te versterken, zodat ze het volgende jaar in volle omvang weer terug komen.
De Nederlandse BijenhoudersVereniging (NBV) omarmt het blije bijenoffensief van de gemeente Bussum en is overtuigd van het positieve effect op de bijenpopulatie. Komend najaar gaat de vereniging het bloembollenmengsel van Uittenbogaard voor bijen zelf ook promoten.

 

Het planten
Het planten van bloembollen is een eenvoudig klusje dat het beste in oktober of november kan worden gedaan. Graaf een plantgat (eventueel met behulp van een bollenplanter of schepje) drie keer zo diep als de hoogte van de bol en plant de bloembol met het puntje omhoog. Plant verwilderingbollen op plekken waar de rest van het jaar niet wordt geschoffeld, eventueel tussen vaste planten.

Samenwerking met NBV
Dankzij meer dan 100 jaar ervaring op de eigen kwekerij en kennisuitwisseling met onderzoeksinstituten is de firma Jac. Uittenbogaard (JUB) tot meer in staat dan alleen het bekende voorjaarsmengels te leveren. De speciale doorbloeimengels staan garant voor bijna een half jaar sierwaarde. De firma Uittenbogaard adviseert graag over het te gebruiken sortiment en kan voor zowel levering als aanplant zorgen. Een speciaal ontwikkelde plantmachine kan efficiënt worden ingezet waardoor de kosten kunnen worden bespaard.
Jac. Uittenbogaard & Zn BV schenkt € 0,50 van elke vierkante meter die wordt aangeplant. De NBV zal dit geld gebruiken voor voorlichting en educatie over bijen, bijenhouden en over aanplant en onderhoud van insectvriendelijke planten.

Het bijenmengsel is onder andere te bestellen bij de NBV en bij JUB

   

                                                         
  • Bloeitijd: februari - juni
  • Maaien: vanaf juli
  • Hoogte: 10 - 100 cm
  • Kleuradvies per m2: 250 bloembollen
 Bron: NBV